terug
  • beeld
  • beschrijving
thumbnail
Beschrijving kort Ellepijp aangetast door caries. Het bot van de ellepijp is vervormd. Binnen in zit een lange ronde pijp los van de rest van het bot.
Beschrijving Ruysch Ellepijp van een mens, door uittering (caries) aangetast, gedeformeerd, en wel zodanig, dat in de holte een rond en lang stuk bot is te zien, dat geheel van het buitenste van de ellepijp gescheiden is geraakt. Dat is, denk ik, veroorzaakt door scherpe etter. In de Anatomische Cabinetten heb ik al eens eerder bijna hetzelfde afgebeeld bij een scheenbeen. Niemand zal kunnen twijfelen dat dit mogelijk is, die bij mij thuis een schouderblad gezien heeft met een sponzige benige substantie, gelijk de sponzige substantie (diploë) van de hersenpan, en wel tussen de twee buitenste lagen. Dat het meer voorkomt, weet ik door ondervinding. Kennelijk kan de etter het sponzige bot niet geheel doen verdwijnen. Daardoor wordt het buitenste gedeelte van het bot, geheel van het binnenste gedeelte gescheiden. Je moet ook bedenken dat dit elleboogsbeen zo is, dat niemand deze inwendige pijp eruit kan halen, en er weer inbrengen, zoals blijkt uit de 1. Fig van de 3. Taf. Als iemand nog niet tevreden is, en wil twijfelen aan de waarheid, dan moet die maar komen kijken bij mij thuis. Hij kan ook naar Clopton Havers gaan, een heer van ervaring, die volhoudt, dat de beenderen uit laagjes (lamellae) bestaan. Als dat zo is, wie kan het dan niet eens zijn met wat gezegd is?
Trefwoord ellepijp, gedeformeerd
Opening UBMO629053072
MAE Kunstkamera nummer 4070-848
Preparaatnummer 10.8.176
Nat/Droog droog
Conditie goed
Herkomst Collectie Frederik Ruysch, Amsterdam; Museum Imperiale Petropolitanum, Sint-Petersburg; Peter de Grote Museum voor Antropologie en Etnografie (Kunstkamera), Russische Academie van Wetenschappen, Sint-Petersburg
Literatuur Thesaurus magnus & regius, qui est decimus thesaurum anatomicorum. Zynde het groote en konincklyke cabinet zynde het tiende der anatomische cabinetten (...). Amsterdam 1715; Nr. CLXXVI. De Ellepyp van een mensch, door uyteringh ( Caries ) gants ont-aard, gedeformeert, en wel zoodanig, dat in deszelfs holligheid een ronde en lange beene-pyp ( Fistula ) gezien werd, dewelke gantz en gaar van ‘t buytenste van de Ellepyp gesepareert is geworden, ‘t welk ik geloove veroorzaakt te zyn door de scherpigheyd van de etter: in de Anatom. Cabinetten heb ik eertyds by na het zelve verbeelt in een scheen-been. Niemand zal konnen twyfelen zulks te konnen geschieden, die te mynen huyse gezien heeft een schouder-been waar in zigh opdoet een spongieus-beenige substantie, gelyk het diploe van de Herssen-panne, namentlyk tusschen twee tafels, en dat het meer gevonden werd, weet ik door ondervinding, en wat zouden dan konnen verhinderen, dat de etter dese spongieus-beenige substantie niet zoude konnen weg-eeten door zodanig een bederving, en als het geschied, zoo komt de buytenste gedaante des beens, van de binnenst geheel en al af te scheyden. Men moet ook considereeren dat dit Elleboogs-been zoodanig gesteld is, dat niemand dese gezeyde inwendige pyp kan uythaalen, en wederom inbrengen, gelyk zulks blykt uyt de 1. Fig van de 3e. Taf. Zoo dat hier door alle twyfelmoedighe komt te verdwynen, zoo ‘er eghter ymand nogh niet moght voldaan zyn, en wilde twyfelen aan de waarheyd, die komen het zien te mynen huyse, of hy kan by Clopton Havers gaan, die een Heer van ervarentheyd is, dewelke sustineert, dat de beenders uyt tafels ( lamellae ) bestaan, en dat zoo zynde, wie zoude dan weygeren toe te stemmen, ‘t geen gezegd is?
UBMO629053072